VIDEO: Snel werk maken van toegankelijke zwembaden!

Op 17 mei 2017

De provincie West-Vlaanderen liet tussen 2014 en 2017 een toegankelijkheidsonderzoek uitvoeren door het expertisecentrum Inter bij 29 West-Vlaamse publieke zwembaden. Slechts 7 van de 29 gescreende  zwembaden scoren over het hele traject positief op het vlak van toegankelijkheid: Sport Vlaanderen Sportcentrum zwembad in Blankenberge, het Jan Guillinibad en S&R Olympia in Brugge, het Stedelijk Zwembad Ieper, De Krekel in Izegem, Sportoase Duinenwater in Knokke-Heist en De Kouter in Poperinge.

Vandaar dat ik een warme oproep doe om zo snel mogelijk werk te maken om de toegankelijkheid in de zwembaden te verbeteren.

Actieplan per zwembad
Per zwembad werd een actieplan opgemaakt om de toegankelijkheid te verbeteren: van kleine wijzigingen in functie van afwerking of inrichting tot aanpassingen van structurele aard waarvoor grotere werken of verbouwingen nodig zijn.
(lees de resultaten van het onderzoek onder deze video)

Resultaten van het onderzoek
Vooral de nieuwste gebouwen scoren beter, zowel op structureel vlak als in de nodige voorzieningen. Het toegankelijkheidsaspect is dan ook sinds 2010 een vereiste bij de bouwaanvraag. Ook zwembaden die recentelijk grote renovaties lieten uitvoeren, deden de nodige structurele aanpassingen om de toegankelijkheid te verbeteren.

  • De ‘bereikbaarheid’ scoort over het algemeen goed. Enkel wanneer er niveauverschillen moeten overbrugd worden, worden enkele knelpunten vastgesteld.
  • In de categorie ‘inkom en andere functies’ scoren de balies opvallend slecht: slechts 4 zwembaden zijn zelfstandig toegankelijk. Vooral het niet ‘onderrijdbaar’ zijn van tafels is het voornaamste knelpunt in de cafetaria.
    Een ander probleem situeert zich vaak bij de kleedkamers en het sanitair. Bij zo’n 41 % van de zwembaden moet een rolstoelgebruiker een groepskleedkamer nemen, omdat er geen aangepaste cabine is. Aangepast sanitair is er nauwelijks, bij slechts 55 %, en als deze wel aanwezig is, wordt de ruimte vaak verkeerd ingericht. Bij de gemeenschappelijke douches ontbreken vaak, in 45 % van de gevallen, een douchezitje en beugels.
  • De grootste problemen qua toegankelijkheid duiken op bij ‘overgang van het droog naar het nat gedeelte’: zowel na de toegangscontrole als bij de overgang naar de natte zone ontbreekt meestal een zelfstandig bruikbare doorgang. De rolstoelgebruiker moet afwijken van de route en moet vaak rekenen op hulp van het zwembadpersoneel.
  • Eens men de doorgang gepasseerd is, zijn de meeste ‘zwemzones’ wel toegankelijk:
    24 % is zelfstandig toegankelijk en 59 % gedeeltelijk toegankelijk of met hulp.

Het onderzoeksrapport ‘Toegankelijkheidsscreening van zwembaden in de provincie West-Vlaanderen’ vind je hier.
Het resultaat per zwembad vind je hier.